In België is onderzocht wat de gevolgen zijn van het opgroeien als KID-kind in een lesbisch gezin. Uit onderzoek van Katrien Vanfraussen (VUB, 2002) blijkt dat die kinderen zich goed voelen en niet meer gepest worden dan andere kinderen. Er zijn wel verschillen met heterogezinnen wat betreft de taakverdeling tussen de ouders. De emotionele betrokkenheid van de meemoeder is groter dan die van een heterovader.
In Nederland is dan weer nagegaan of lesbische gezinnen verschillen van heterogezinnen in de manier waarop zij hun ouderschap ervaren en motiveren voor zichzelf. Lesbische ouders blijken een sterker gemotiveerde kinderwens te hebben. Er is ook meer evenwicht tussen beide ouders. Aan de andere kant maken zij zich zorgen over het opgroeien van hun kinderen in een samenleving die niet altijd holebivriendelijk is.
Amerikaans onderzoek toont eveneens aan dat kinderen in holebigezinnen niet meer problemen hebben met opgroeien dan kinderen uit andere gezinnen. De APA (American Psychological Association) steunt op basis van wetenschappelijk onderzoek de eis van homo's en lesbiennes voor gelijke rechten inzake kinderwens en adoptie.
Terug naar boven



